PrintMail this page

barokmusette met 3 speelpijpen

aërofoon

De barokmusette is een historische doedelzak met een bijzonder geavanceerde technologie. Hij onderscheidt zich van andere doedelzakken door zijn vier tot zes bourdons. Dat zijn continu aangehouden tonen die de melodielijn ondersteunen. In tegenstelling tot andere doedelzakken zitten die bourdons als het ware opgevouwen in één enkele compacte houten of ivoren constructie. Deze technologie duikt voor het eerst op in de eerste helft van de zestiende eeuw. Het instrument dankt er zijn typologische benaming 'musette met monoxyle bourdons' aan. Deze opvallend vindingrijke constructie vergt een bijzondere handigheid van de bouwer.

Ze bevat verschillende boringen met een totale lengte van soms meer dan 2,5 meter, en dat in een kleine cilinder die amper 15 cm lang is, en een diameter heeft van drie tot vier cm. Elke boring is voorzien van een of meer laterale schuifregelaars, waarmee de bourdons kunnen afgesteld worden volgens de gebruikte toonaard.

Aanvankelijk werd de musette met monoxyle bourdons geblazen met de mond. Vanaf de tweede helft van de zestiende eeuw werd de zak voorzien van een blaasbalg. Die zorgde voor een groter speelcomfort en een langere levensduur van de rieten, naargelang van het model vijf tot acht dubbelrieten.

Niet alleen de constructie van de bourdons is heel bijzonder. Al even opmerkelijk is de constructie van de melodische elementen. Net zoals bij de meeste instrumenten uit die tijd had de melodiepijp aanvankelijk geen kleppen. Maar vanaf de eerste helft van de zeventiende eeuw werd de melodiepijp voorzien van een steeds uitgebreider kleppenwerk. In de tweede helft van de zeventiende eeuw voegde Martin Hotteterre een tweede melodiepijp toe, de petit chalumeau. De ambitus van de musette nam zo toe tot een octaaf en een sext, en er kon voortaan tweestemmig op gespeeld worden. De aanvankelijk monomelodische musette werd zo bimelodisch. Het was in deze vorm dat ze het meeste werd gebruikt tijdens haar bloeitijd in de Franse barok. In die periode werd een overvloed aan composities voor het instrument geschreven. Tussen 1650 en 1760 werd er een vijftigtal concerto's voor musette gecomponeerd. Het instrument werd ook solistisch ingezet in talrijke opera's, van Lully tot Rameau. Er zijn bovendien ontelbare sonates, duo's, trio's en cantates waarin de douce et tendre musette symbool staat voor liefde, tederheid en onschuld. Zo is de musette het emblematische instrument van de muzikale pastorales van de Franse barok.

Ten behoeve van de opera ging men ook trimelodische musettes bouwen. Die hebben een derde speelpijp, die de ambitus naar onder toe uitbreidt, met als resultaat een totaal toonbereik van twee octaven en een kwart, het grootste bereik van alle doedelzakken. Er zijn maar heel weinig instrumenten van dit type bewaard.

Het exemplaar van het mim is zo'n trimelodische musette. Het instrument werd opnieuw samengesteld op basis van een onvolledige set van afzonderlijke en beschadigde elementen die een professionele musettespeler in 1985 aankocht bij een antiekhandelaar.  Het draaiwerk van de klankbekers van de twee bewaarde melodische elementen kan toegeschreven worden aan eenzelfde atelier, ondanks de afwezigheid van een signatuur. Gesigneerde musettes zijn overigens zeer zeldzaam. Dankzij de expertise van de koper, en met de hulp van een internationaal befaamde doedelzakbouwer, kon de restauratie na twaalf jaar onderzoek en delicaat werk tot een goed einde worden gebracht. Die restauratie, die de reconstructie van een hele reeks ontbrekende of beschadigde onderdelen inhield, bracht uiteindelijk een instrument van hoge kwaliteit aan het licht, dat kon weerklinken in prestigieuze barokorkesten van overal ter wereld. Bij de recente ontdekking van de oorsprong van de originele stukken is het duidelijk geworden dat sommige ervan afkomstig waren van twee instrumenten van het mim (inventarisnummers 0452 en HB002) die gestolen waren in 1981. In die tijd verdwenen overigens nog tal van andere instrumenten uit de slecht beveiligde depots van het museum.

Dankzij de goede trouw van de koper, zijn expertise en de goede zorgen die hij besteed heeft aan de restauratie, is er een bijzonder zeldzame barokmusette met drie speelpijpen in het land gebleven. De rijke verzameling doedelzakken van het mim heeft er een topstuk bij, dat eerlang een plaats zal krijgen in de permanente tentoonstelling. De barokmusette is opgenomen in de publicatie 50 muzikale meesterstukken.

Luister naar een fragment uit "Les fêtes d'Hébé" van Jean-Philippe Rameau door Jean-Pierre van Hees en het Orkest van de Achttiende Eeuw onder leiding van Frans Brüggen. Jean-Pierre bespeelt hier de gerestaureerde barokmusette HB002 / M452.

Media
Images: 
musette HB002
detail van HB002
speelpijp M452
musette samengesteld uit HB002 en M452, met zak, zonder hoes

Archief

11/2014
12/2014
01/2015
02/2015
03/2015
04/2015
05/2015
06/2015
07/2015
08/2015