PrintMail this page

modeku

tokkelidiofoon

Zande, Doruma, Uele, Congo
Gift Alphonse Vermandele
Schildpad, hout, raffia vinifera
16,5 x 11,2 x 26,5 cm

Lamellofoon met volledig schild van schildpad als klankkast. Zeven lamellen van verschillende lengte, gemaakt van raffia vinifera, rusten op twee houten kammetjes op de buik van de schildpad en zijn in het midden opgespannen met plantaardige vezel.

De modeku inv. nr. 3222 werd in 1913 meegebracht door Armand Hutereau, een Belgische militair die in dienst van de Belgische Staat op expeditie ging in Noord-Oost-Congo om het gebied ethnografisch in kaart te brengen. Hij verzamelde meer dan 600 instrumenten uit het gebied van de Zande en de Mangbetu in opdracht van het Africamuseum in Tervuren en maakte opnames die behoren tot de oudste klankdocumenten over Afrikaanse muziek. 26 goed uitgekozen Zande-instrumenten schonk hij via zijn oom Alphonse Vermandele, leraar notenleer en voordracht aan het conservatorium van Brussel, aan diens vriend Victor Mahillon, eerste conservator van het muziekinstrumentenmuseum. Het instrumentje met de opvallende klankkast is in perfecte staat.

In zwart Afrika bestaan sinds eeuwen muziekinstrumenten met meerdere lamellen op een klankkast. Vanuit twee grote ontstaansgebieden, de graslanden van Kameroen en het gebied rond de beneden-Zambezi, hebben lamellofonen (sanza's) zich verspreid over de rest van zwart Afrika. Ze komen voor in ontelbare varianten, bij bijna elke bevolkingsgroep. Lamellofonen worden volledig met de hand gebouwd, met materiaal dat de bouwer hoofdzakelijk rondom zich vindt. De speler houdt het instrument in beide handen en slaat de lamellen aan met de duimen of de vingers. Elke lamel of tong brengt één toon voort. De tongen zijn zo geordend dat de lokale melodieën goed in de vingers liggen, de rangschikking verschilt dus per gebied. Afrikanen houden ervan te kijken naar het vingervlugge virtuoze spel, dat ze bewonderen als een visueel, decoratief element, zoals de versiering van het instrument. Elke Afrikaanse lamellofoon is ook voorzien van meetrillende, rammelende voorwerpjes van metaal, glas, schelp, hout of steen, aangebracht op of in de klankkast. Zo wordt met een handvol noten muziek gemaakt om zich te ontspannen, regen op te roepen, te dansen of te praten met de voorouders.

Omdat er in Europa geen vergelijkbare muziekinstrumenten voorkwamen, noemen westerse Afrika-reizigers vanaf de zeventiende eeuw de lamellofoon 'duimharp', 'nagelviool', 'duimpiano', 'kafferklavier', 'handpiano', 'pianino' of 'vingerpiano', zoekend naar houvast bij vertrouwde westerse instrumenten. Terzijde: de sanza is wel terug te vinden in Brazilië en op de Antillen, waar hij terechtgekomen is door de slavenhandel.

David Livingstone spreekt in zijn notities van juli 1860, toen hij door het dal van de beneden-Zambezi trok, van de 'sansa' (eigenlijk een verkeerde spelling van 'nsansi', de naam van de lokale lamellofoon van de Nyungwe en Manganja in Mozambique). Sindsdien wordt 'sanza' vaak gebruikt als algemene term voor alle Afrikaanse lamellofonen. De neutrale, organologisch correcte term 'lamellofoon' werd in 1965 geïntroduceerd door de etnomusicoloog Gerhard Kubik. In Afrika zelf hebben lamellofonen per bevolkingsgroep en per variant een eigen naam.

Eén van de eerste voorstellingen van een Afrikaanse lamellofoon is te vinden in Filippo Bonanni's Gabinetto. Bonanni (1638-1725), Romeins jezuïet en bibliothecaris, is nooit in Afrika geweest. De tekening van de 'Marimba de Cafri' in zijn beroemde overzicht van de muziekinstrumenten, is gemaakt op basis van beschrijvingen van een pater-collega. Volgens de tekst komt deze Afrikaanse lamellofoon uit 'Cafreria, deel van het rijk van Monomotapa, onder de 15de graad van de Antartica pool'. Kaffer was de in oorsprong Arabische benaming voor een zwarte, een heiden.

De geschiedenis van de lamellofoon in Congo is nauw verbonden met de kolonisatie. Hij was vooral een instrument van de lastendragers die expedities en handelsmissies begeleidden, en later van de dagloners op zoek naar werk in mijnen, plantages, havens en steden. De lamellofoon zorgde voor tijdverdrijf tijdens de lange marsen en ondersteunde het stappen. 'L'instrument vous porte', zeggen de Congolezen. In een bulletin uit 1902 van het toen gloednieuwe Musée du Congo (later Africamuseum) kan men lezen: 'De zwarten spelen sanza's [lamellofoon] met veel overgave. In districten zoals de Kwango en de Cataractes heeft bijna iedereen er een. Ze spelen niet alleen in hun vrije tijd, voor het plezier, maar ook om het tempo aan te geven tijdens het werk en vooral voor het stapritme. De muziek werkt tegelijk ontspannend en aansporend. De karavanen die onophoudelijk de wegen van de Cataractes doorkruisten, werden steeds voorgegaan door een sanzaspeler, en elke Europeaan die door de regio heeft gereisd vóór de komst van de spoorweg herinnert zich nog deze levendige, springerige muziek, uitstekend middel tegen vermoeidheid op reis.' (Annales du Musée du Congo. Série III, uitg. Musée du Congo. Tome 1, Fasc. 1, Brussel, 1902, p. 123). Hutereau getuigt: 'Vooral op de wegen ontmoet men madaku [sic] spelers op stap. Daarom zegt men dat de zwarte dit instrument bespeelt om de slechte geesten van de weg te verjagen.' Dit staat te lezen in zijn notitieboek dat hij in 1913 maakte voor Mahillon en meegaf met zijn Zande-instrumenten (Armand Hutereau, 1 juni 1913, mim GDM 4156, p. 14).

De meest voorkomende lamellofoon in Congo is de likembe. De likembe ontstond tijdens de kolonisatie op het einde van de negentiende eeuw in Neder-Congo en verspreidde zich over heel centraal Afrika. Veel likembe verraden de fascinatie voor voorwerpen uit de Europese industrieproductie: blauwe glasparels op de ijzeren lamellen en messingnagels en geldstukken op de klankkast.

De likembe ging teloor door de opkomst van gemotoriseerd verkeer en van draagbare radio's en door de intrede van de gitaar. Vandaag wint de elektrisch versterkte likembe weer aan populariteit. Hieronder vindt u een selectie van YouTube clips. Het mim kan niet verantwoordelijk gesteld worden voor het verspreiden van dit beeldmateriaal.

Media
Images: 
mim inv.3222
uit de nota’s van Armand Hutereau, 1 Juni 1913, mim GDM 4156, p. 15
speelwijze ©KMMA, Jos Gansemans
Myonga, Shona (Korekore), Zimbabwe. mim inv. R2318
D & C. Livingstone, Expedition to the Zambezi, London, 1865, ©KBR III 1.790A
D & C. Livingstone, Expedition to the Zambezi, London, 1865, ©KBR III 1.790A
Filippo Bonanni, Gabinetto armonico, Rome, 1723. mim 4R12
lamellofoon, Congo. mim inv. 1977.041-06
Armand Hutereau, Uele, Congo-Kinshasa, ca. 1910. ©KMMA
Armand Hutereau, 1 juni 1913, mim GDM 4156, p. 14
likembe, Congo, mim inv. 0118
elektrisch versterkte likembes, Konono n°1, Kinshasa, Congo
External Video
See video
See video
See video