PrintMail this page

pianoforte Joseph Angst

chordofoon

De pianoforte met inventarisnummer 2520 uit onze tentoonstellingszaal 4 "Snaren en klavieren" werd gebouwd door Joseph Angst (° ca. 1786 - † 22 april 1842 in Eßling bij Wenen) aan het eind van de jaren 1820. Dit instrument is vergelijkbaar met het werk van Angsts illustere collega Conrad Graf, die ooit een piano leverde aan Beethoven. Wij mogen deze vleugel gerust een typische vertegenwoordiger noemen van de tweede Weense generatie. Het houtwerk is robuuster dan dat van de instrumenten van rond de eeuwwisseling en het geheel is uitgevoerd in Biedermeier stijl, met de typische gebogen lijnen en een voorliefde voor de vlam en nerf van warmere houtsoorten.

De Prellzungenmechanik van de eerste Weense generatie vinden wij ook hier terug, maar de omvang van het klavier is met 6 octaven en een kwart, van CC tot f'', al een stuk groter geworden. De aanslag is nog steeds licht (30 gr.) vergeleken met die van een moderne vleugel (50 à 60 gr.) maar tegenover de kristallen, klassieke klank van de eerste generatie Weense piano's, van bouwers als Stein of Walter, is de klankkleur van dit instrument al "dikker" te noemen, meer zangerig en romantisch. Dat komt omdat er meer snaren gebruikt worden en de snarenspanning ook hoger ligt. Een aanpassing, overigens, waardoor zwaardere omkasting en bebalking nodig waren.

Onderaan vinden wij 6 pedalen. Naast de gebruikelijke una corda - voor een zachtere klank - en forte - voor een sterkere - zijn er een "fagot" pedaal, 2 "celeste" pedalen en een "turquerie" pedaal. Wanneer men het fagotpedaal indrukt wordt een met leer overtrokken plankje tot tegen de snaren van het lage register gebracht, wat een klankkleur oplevert die wat aan het dubbelrietinstrument doet denken. De celeste pedalen dienen om een strook vilt gedeeltelijk of helemaal te schuiven tussen hamers en snaren, terwijl het "turquerie" pedaal een klein slagwerkensemble van klokkenspel, cymbaal en trommel activeert ! Het klokkenspel bestaat uit 3 in elkaar geschoven bellen die door hamertjes worden aangeslagen. De cymbaalklank verkreeg Angst door een messing strook op de snaren van het lage register te laten neerkomen. Om de trommelslag te imiteren slaat een hamer tegen de onderkant van de zangbodem. Deze 3 effecten klinken tegelijkertijd, maar het is ook mogelijk om, door het pedaal slechts lichtjes in te drukken, enkel klokkenspel en cymbaal te laten klinken. Dergelijke "turquerieën" waren erg in de mode in de jaren 1810-1830. De rage kwam voort uit de fascinatie voor de muziek van de Janitsaren, infanterietroepen onder het gezag van de Ottomaanse sultan die gekend stonden om hun schitterende kostuums en hun indrukwekkende fanfares. Hun invloed is terug te vinden in nogal wat composities, bijvoorbeeld Mozarts beroemde "Turkse Mars".

Media
Images: 
inv. 2520
klavier inv. 2520
medaillon inv. 2520
lier inv. 2520
klokkenspel inv.2520
fagot register en klokkenspel inv. 2520
"Janissaire allant à la guerre" copyright KBR VB 11.132 A RP

Archief

05/2012
06/2012
07/2012
08/2012
09/2012
10/2012
11/2012
12/2012
01/2013
02/2013